ECLI:NL:RVS:2013:125
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering ontheffing nieuwvestiging intensieve veehouderij in landbouwontwikkelingsgebied
Het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant weigerde ontheffing te verlenen voor de nieuwvestiging van een intensieve veehouderij op het perceel De Hoef te Hulsel, gelegen in een landbouwontwikkelingsgebied. Het gemeentebestuur van Reusel-De Mierden en appellant sub 2 stelden dat dit verbod in strijd was met hogere regelgeving, waaronder de Reconstructiewet concentratiegebieden en het reconstructieplan Beerze-Reusel, en dat het college onterecht de bezwaren ongegrond had verklaard.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het college ten onrechte niet had erkend dat er vóór 20 maart 2010 een schriftelijke aanvraag tot verplaatsing van de intensieve veehouderij naar een concrete locatie was ingediend. Uit diverse stukken, waaronder een overeenkomst uit 2007 en een intentieovereenkomst, bleek dat de verplaatsing reeds in een gevorderd stadium was. Het college had deze stukken als een aanvraag moeten beschouwen en medewerking moeten verlenen.
De Afdeling vernietigde het bestreden besluit en beval het college om binnen tien weken een nieuw besluit op bezwaar te nemen, gebaseerd op de regels die golden ten tijde van het oorspronkelijke besluit. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierechten aan appellanten.
Deze uitspraak benadrukt het belang van correcte toepassing van de Verordening ruimte Noord-Brabant 2011 en de bescherming van gerechtvaardigd vertrouwen bij planologische procedures voor intensieve veehouderijen.
Uitkomst: Het besluit van het college van gedeputeerde staten tot weigering van ontheffing voor nieuwvestiging van een intensieve veehouderij wordt vernietigd en het college wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.