ECLI:NL:RVS:2013:1841
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep tegen besluit niet-handelen staatssecretaris inzake handhaving vluchtcompensatie
Appellanten verzochten de staatssecretaris om handhavend op te treden tegen ArkeFly omdat zij niet gecompenseerd werden voor vluchtvertraging volgens EU-verordening 261/2004. De staatssecretaris besloot het verzoek niet te behandelen wegens onvoldoende gegevens. Na bezwaar en beroep bij de rechtbank bleef het besluit in stand. Appellanten stelden dat zij nog belang hadden bij hoger beroep vanwege proceskosten en schade.
De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat ArkeFly inmiddels financieel tegemoet was gekomen aan appellanten en dat het bedrag niet lager was dan de vermeende compensatie waarop recht werd geclaimd. Tevens was de schade niet aannemelijk gemaakt. De Afdeling oordeelde dat het belang bij het hoger beroep ontbrak en verklaarde het beroep niet-ontvankelijk.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 6 november 2013.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang.