ECLI:NL:RVS:2013:185
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- A.W.M. Bijloos
- S.F.M. Wortmann
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering drank- en horecavergunning wegens slecht levensgedrag
Appellant verzocht om een drank- en horecavergunning voor een horecagelegenheid in Nijmegen, welke door het college van burgemeester en wethouders werd geweigerd op grond van slecht levensgedrag. Het college baseerde zich op een politierapport waarin sprake was van mogelijke betrokkenheid van appellant bij strafbare feiten, onder meer handel in strijd met de Opiumwet, en de aanwezigheid van een hennepkwekerij in woningen die appellant in eigendom heeft.
De rechtbank oordeelde dat het college zich in redelijkheid op het standpunt kon stellen dat appellant niet voldeed aan de eis van goed levensgedrag zoals gesteld in de Drank- en Horecawet. Appellant voerde onder meer aan dat hij niet op de hoogte was van de hennepkwekerij en dat de verantwoordelijkheid hiervoor niet op hem kon rusten, maar deze bezwaren werden verworpen.
De Raad van State bevestigt het oordeel van de rechtbank en benadrukt dat bij de beoordeling van levensgedrag geen strafrechtelijke bewijsregels gelden en dat de eigenaar van onroerende zaken een verantwoordelijkheid draagt om te voorkomen dat in zijn eigendom strafbare feiten worden gepleegd. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de vergunning bekrachtigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van de drank- en horecavergunning wegens onvoldoende bewijs van goed levensgedrag van appellant.