ECLI:NL:RVS:2013:2098
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- G. van der Wiel
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vaststelling dat COA besluit tot weigering opvang vreemdeling niet onrechtmatig is
Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) wees een aanvraag van een vreemdeling om opvang krachtens de Regeling verstrekkingen asielzoekers 2005 af. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit. Het COA stelde hoger beroep in bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat het COA terecht had gemotiveerd dat het besluit niet in strijd was met artikel 3 EVRM Pro, mede omdat de vreemdeling geen asielzoeker was en niet in extreme armoede verkeerde zoals in het arrest M.S.S. tegen België en Griekenland. Daarnaast werd overwogen dat er geen acute medische noodsituatie bestond die opvang zou rechtvaardigen op grond van artikel 8 EVRM Pro.
Verder werd geoordeeld dat de vreemdeling geen beroep kon doen op de richtlijn 2008/115/EG omdat hij geen vertrektermijn had gekregen of uitstel van verwijdering. De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling tegen het besluit tot weigering van opvang wordt ongegrond verklaard.