ECLI:NL:RVS:2013:BZ3754
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- C.J. Borman
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing opvangaanvraag uitgeprocedeerde asielzoeker op medische gronden
Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COa) wees op 26 juli 2011 een aanvraag van een uitgeprocedeerde asielzoeker om opvang op medische gronden af. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde dit besluit, waarna het COa hoger beroep instelde.
De Raad van State beoordeelde dat het COa terecht had aangevoerd dat de vreemdeling niet had aangetoond dat de voorgeschreven procedure via de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) was gevolgd en dat de medische gegevens compleet waren overgelegd. Tevens oordeelde de Afdeling dat artikel 8 EVRM Pro en relevante jurisprudentie geen algemene opvangplicht voor het COa opleggen.
De Raad van State vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond. Het COa is niet verplicht om buiten de wettelijke taak opvang te verlenen aan vreemdelingen zonder rechtmatig verblijf of zonder een door de IND erkende aanvraag op medische gronden.
De Afdeling vond geen schending van de Algemene wet bestuursrecht, het Europees Sociaal Handvest of het VN Vrouwenverdrag. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het besluit van het COa tot afwijzing van opvang wordt bevestigd.