ECLI:NL:RVS:2013:261
Raad van State
- Hoger beroep
- F.C.M.A. Michiels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging besluit invordering dwangsom zwemsteiger Zierikzee
Het college van burgemeester en wethouders van Schouwen-Duiveland legde een dwangsom op aan de wederpartij voor het beëindigen van de strijdigheid van een zwemsteiger aan de achterzijde van een perceel te Zierikzee. Na het niet tijdig verwijderen van de zwemsteiger besloot het college tot invordering van de dwangsom.
De rechtbank verklaarde het beroep van de wederpartij gegrond, vernietigde het besluit tot invordering en herroept het besluit van het college. Het college stelde hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelt dat uit de last onder dwangsom niet duidelijk volgt dat ook de trapconstructie, die visueel en functioneel van de steiger te onderscheiden is, verwijderd diende te worden. De steiger was tijdig verwijderd, zodat geen dwangsommen zijn verbeurd. Ook ontbreekt een tijdseenheid bij het dwangsombedrag, wat het college benadeelt. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van het college wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.