ECLI:NL:RVS:2013:752
Raad van State
- Hoger beroep
- J.H. van Kreveld
- Rechtspraak.nl
Bevestiging invordering dwangsommen wegens overschrijding geluidnormen horeca-inrichting
Het college van burgemeester en wethouders van Hoogeveen legde aan appellant, eigenaar van een horecabedrijf, meerdere dwangsommen op wegens overschrijding van geluidnormen zoals vastgelegd in het Activiteitenbesluit milieubeheer. Deze dwangsommen werden opgelegd na constateringen tijdens controles in maart en juni 2011.
Appellant maakte bezwaar tegen de invordering van de dwangsommen en voerde aan dat hem geen verwijt kan worden gemaakt omdat hij vertrouwde op een door het college aangebrachte geluidbegrenzer. Tevens stelde hij dat het college zijn verzoek tot controle van de geluidbegrenzer niet tijdig had ingewilligd.
De rechtbank verklaarde het bezwaar ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Raad van State. Deze oordeelde dat het belang van invordering zwaarwegend is en dat appellant verantwoordelijk blijft voor het voldoen aan de geluidnormen. De stelling dat de geluidbegrenzer niet correct was afgesteld en het verzoek tot controle te laat was ingediend, leidde niet tot een ander oordeel.
De Raad van State bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de invordering van de dwangsommen wordt bevestigd.