Uitspraak
201101945/1/V6), is het aan de staatssecretaris om te oordelen of de identiteit met behulp van de overgelegde stukken is komen vast te staan. Ingevolge artikel 31, vijfde lid, van het Besluit kan de staatssecretaris nationaliteit- en identiteitvaststellende documenten verlangen. De staatssecretaris is, wegens de aan het verlenen van het Nederlanderschap verbonden gevolgen, bevoegd op de daartoe geëigende wijze bewijs van de ingevolge artikel 31, eerste lid, van het Besluit bij een naturalisatieverzoek te verstrekken gegevens te verlangen.
200802115/1). Gelet op de motivering van de onderscheiden besluiten van 29 maart 2011 en hetgeen hiertegen in het aanvullend bezwaarschrift van 16 mei 2011 is aangevoerd, is aan deze maatstaf voldaan. De Afdeling neemt hierbij mede in aanmerking dat de verzoekers in bezwaar hebben gesteld in bewijsnood te verkeren zonder daartoe nog niet eerder overgelegde stukken in te brengen en voorts slechts hebben gesteld niet in te zien waarom geboorteaktes dan wel taskera's nodig zijn om hun identiteit vast te stellen.