Het college van burgemeester en wethouders van Simpelveld weigerde bij besluit van 16 augustus 2011 de intrekking van een eerder verleende bouwvergunning voor het realiseren van een zadeldak op een woning te Bocholtz. Hiertegen maakte appellant bezwaar, dat op 8 december 2011 ongegrond werd verklaard. De rechtbank Maastricht verklaarde het beroep van appellant gegrond, vernietigde het bezwaarbesluit, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand.
Appellant stelde hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Tijdens de procedure trok het college op 9 januari 2013 de bouwvergunning alsnog in. Hierdoor verloor appellant het belang bij het hoger beroep, omdat het gewenste resultaat reeds was bereikt.
De Afdeling overwoog dat zonder een actueel geschil de bestuursrechter niet gehouden is principiële rechtsvragen te beantwoorden. Daarom verklaarde de Afdeling het hoger beroep niet-ontvankelijk en wees een proceskostenveroordeling af.