ECLI:NL:RVS:2013:BZ7498
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- D. Roemers
- A.B.M. Hent
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing naturalisatieverzoek wegens onvoldoende identiteitsbewijs
Appellante verzocht om het Nederlanderschap, maar de minister wees dit af omdat zij haar identiteit niet kon vaststellen zonder een gelegaliseerde geboorteakte of taskera. De rechtbank vernietigde het besluit wegens schending van de hoorplicht, maar liet de rechtsgevolgen in stand. Appellante stelde dat zij bewijsnood had en dat haar paspoort en een verklaring van de Afghaanse ambassade voldoende waren.
De Afdeling overwoog dat het aan de staatssecretaris is om te beoordelen of de identiteit voldoende is vastgesteld en dat een taskera het hoogst haalbare identiteitsdocument is voor Afghanen. Het paspoort en de verklaring waren onvoldoende. De Afdeling verwierp ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel omdat de familieleden van appellante vóór beleidswijziging hun naturalisatie ontvingen.
De Afdeling concludeerde dat appellante voldoende gelegenheid had gehad om haar bezwaren toe te lichten en dat het besluit van de minister terecht was. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het naturalisatieverzoek bevestigd.