ECLI:NL:RVS:2013:CA0615
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- A.W.M. Bijloos
- R. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Vaststelling ongeloofwaardigheid asielrelaas op basis van taalanalyse in vreemdelingenrecht
De minister voor Immigratie en Asiel wees een aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank verklaarde dit besluit onterecht en bepaalde dat een nieuw besluit moest worden genomen. De minister, inmiddels staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, stelde hiertegen hoger beroep in.
De kern van het geschil betrof de vraag of de staatssecretaris zich terecht op het standpunt kon stellen dat de vreemdeling niet aannemelijk had gemaakt dat zijn aanvraag gegrond was, mede op basis van een door bureau Verified uit Zweden opgestelde taalanalyse. Deze analyse concludeerde dat de vreemdeling niet te herleiden was tot de spraakgemeenschap van het opgegeven land van herkomst.
De Raad van State oordeelde dat de taalanalyse zorgvuldig, inzichtelijk en concludent was en dat de vreemdeling geen contra-expertise had overgelegd. Hierdoor kon de staatssecretaris de verklaringen over herkomst, identiteit en nationaliteit als ongeloofwaardig beschouwen. De medische situatie van de vreemdeling deed hieraan niet af. De Raad vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning blijft in stand.