ECLI:NL:RVS:2013:CA1999
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- R.W.L. Loeb
- N.D.T. Pieters
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot opheffing voorlopige voorziening bouwvergunning wijziging functie pand
Het college van burgemeester en wethouders van Groningen verleende op 23 november 2010 een bouwvergunning aan verzoekster voor het vergroten van een pand en het wijzigen van de functie van magazijn naar wonen. Wederpartij maakte bezwaar tegen deze vergunning, dat door het college werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep van wederpartij ongegrond, waarna hoger beroep werd ingesteld bij de Raad van State. De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State had bij voorlopige voorziening de besluiten van het college geschorst.
In een tussenuitspraak op 27 februari 2013 werd het college opgedragen de gebreken in het besluit te herstellen, met name de motivering omtrent de strijd met het bestemmingsplan "Binnenstad 1995". Het college motiveerde dit nader in een brief van 12 april 2013, waarin werd gesteld dat het bouwplan niet geheel past binnen het bestemmingsplan, maar wel passend wordt geacht in de omgeving.
Verzoekster vroeg daarop om opheffing van de voorlopige voorziening. De voorzitter oordeelde echter dat, ondanks de nadere motivering, het besluit niet onverkort in stand zal blijven en dat er geen aanleiding was om de voorlopige voorziening op te heffen. Tevens werd geen proceskostenveroordeling toegewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot opheffing van de voorlopige voorziening wordt afgewezen.