ECLI:NL:RVS:2013:CA2078
Raad van State
- Tussenuitspraak bestuurlijke lus
- W.D.M. van Diepenbeek
- M.A.A. Mondt-Schouten
- J. Hoekstra
- Rechtspraak.nl
Raad van State wijst herstel op bestemmingsplan Haven fase 2 (zuid) wegens onjuiste parkeernormen en onvoldoende motivering geur- en geluidshinder
De raad van de gemeente Katwijk stelde op 1 november 2012 het bestemmingsplan 'Haven, fase 2 (zuid)' vast, dat voorziet in de bouw van circa 100 woningen en een woonzorgcomplex op een voormalig bedrijventerrein. Diverse appellanten, waaronder Plusbeleg B.V. en bewoners uit Katwijk aan Zee, stelden beroep in tegen dit besluit. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelde het geschil op 18 april 2013 en deed uitspraak op 5 juni 2013.
De Afdeling oordeelde dat het plan niet met de vereiste zorgvuldigheid was voorbereid vanwege onjuiste verwijzingen in de planregels naar het parkeernormenbeleid uit 2011 in plaats van 2010, wat leidde tot een rechtsonzekere situatie. Tevens was het besluit onvoldoende gemotiveerd omtrent de mogelijke geur- en geluidshinder van het tankstation aan de Visserijkade, omdat de richtafstanden uit de VNG-brochure werden overschreden zonder adequate onderbouwing dat dit geen onaanvaardbare hinder zou veroorzaken.
Andere bezwaren, zoals onvoldoende verkeersonderzoek, financiële uitvoerbaarheid, en milieuzonering werden door de Afdeling afgewezen. Het beroep van een appellant die te laat was met indienen werd niet-ontvankelijk verklaard. De Afdeling droeg de raad op binnen twaalf weken het besluit te herstellen door de parkeernormen correct te vermelden en de motivering omtrent geur- en geluidshinder adequaat te geven of een passende regeling te treffen, waarna het gewijzigde besluit bekendgemaakt moet worden.
Uitkomst: De raad wordt opgedragen het bestemmingsplan binnen twaalf weken te herstellen door correcte parkeernormen te hanteren en de motivering omtrent geur- en geluidshinder adequaat te geven.