Uitspraak
200303896/1, 200303897/1 en 200303898/1kan gelet op het doel waartoe de zinsnede "aaneengesloten gebied" in categorie 11.2 van onderdeel D van de bijlage van het Besluit m.e.r. is opgenomen, onder omstandigheden ook voldaan zijn aan het daarin gestelde vereiste indien de gebieden die deel uitmaken van één woningbouwproject niet direct aaneensluiten maar een zodanige geografische samenhang vormen dat de milieu-effecten van dit project worden gebundeld en elkaar versterken. De omstandigheid dat in verscheidene van de door [appellant sub 2] en andere genoemde stukken de ontwikkelingen in het plangebied en in het gebied IJsseldelta-Zuid als een integrale gebiedsontwikkeling worden gezien leidt niet tot dit oordeel. Ook als moet worden aangenomen dat de woningbouw in het plangebied en in het gebied IJsseldelta-Zuid als één woningbouwproject moet worden aangemerkt, is niet aannemelijk gemaakt dat de milieu-effecten als gevolg van de ontwikkelingen in beide gebieden elkaar zullen versterken. Dat beide gebieden onder meer ontsloten zullen worden door de N50 en het station Kampen-Zuid is daarvoor niet voldoende, nu het plangebied niet alleen door de N50 wordt ontsloten, maar ook door de Europa Allee, de verlegde Niersallee en de Verlengde Symfonielaan.