ECLI:NL:RVS:2014:2011
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek tot wijziging geslachtsnaam minderjarige kinderen
De zaak betreft het hoger beroep van appellant tegen de afwijzing door de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie van het verzoek tot wijziging van de geslachtsnaam van zijn minderjarige zoons. De verzoekers wilden de achternaam van hun kinderen wijzigen naar de achternaam van appellant, maar voldeden niet aan de voorwaarden van het Besluit geslachtsnaamswijziging.
De staatssecretaris wees het verzoek af omdat het huwelijk niet was ontbonden en niet was voldaan aan de vereiste verzorgingstermijn van minimaal drie jaar na ontbinding van het huwelijk of de buitenhuwelijkse samenleving. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond omdat niet was aangetoond dat het achterwege blijven van de naamswijziging de lichamelijke of geestelijke gezondheid van de kinderen ernstig zou schaden.
Appellant voerde aan dat de gezinssituatie onhoudbaar was en dat hij depressief was geworden door de situatie, maar dit betrof zijn eigen gezondheid en niet die van de kinderen. De Raad van State oordeelde dat het verzoek terecht was afgewezen en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek tot wijziging van de geslachtsnaam van de minderjarige kinderen wordt afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.