ECLI:NL:RVS:2014:2012
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- J. Kramer
- R.J.J.M. Pans
- Rechtspraak.nl
Bevestiging rechtbankuitspraak over termijnbeperking verklaring van geschiktheid CBR bij oogziekte
Het CBR gaf appellant een verklaring van geschiktheid voor het besturen van motorrijtuigen van categorie B en BE voor drie jaar, terwijl zijn oogarts vijf jaar adviseerde. De rechtbank vernietigde het besluit van het CBR dat het bezwaar ongegrond verklaarde, maar liet de rechtsgevolgen van dat besluit in stand. Appellant ging in hoger beroep tegen deze beslissing.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het CBR bevoegd is om een termijnbeperking te stellen op basis van een vaste gedragslijn, waarbij rekening wordt gehouden met de visus en de aard van de oogziekte. De rechtbank had terecht geoordeeld dat het CBR mocht afwijken van het oogartsadvies, omdat de progressieve aard van cataract een kortere geldigheidsduur rechtvaardigt.
De Raad van State verwierp het betoog van appellant dat het CBR niet deskundig genoeg zou zijn om een termijnbeperking vast te stellen en dat de staaroperatie in april 2013 de situatie zou wijzigen, aangezien deze na het bezwaarbesluit plaatsvond. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.