ECLI:NL:RVS:2014:2017
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- A.W.M. Bijloos
- R. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging boete wegens overtreding Wet arbeid vreemdelingen ondanks verzoek matiging
De minister legde appellant een boete van €33.000 op wegens zes overtredingen van artikel 2 en Pro 15 van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav). De rechtbank Rotterdam matigde deze boete tot €30.250. Appellant stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak met het verzoek tot verdere matiging op grond van zijn financiële situatie.
De Raad van State overwoog dat de minister bij het opleggen van boetes een discretionaire bevoegdheid heeft, waarbij rekening moet worden gehouden met de ernst van de overtreding en de mate van verwijtbaarheid, en dat deze bevoegdheid moet worden uitgeoefend binnen het kader van het evenredigheidsbeginsel. Appellant moest zijn financiële situatie concreet en actueel aantonen om een verdere matiging te rechtvaardigen.
Appellant leverde financiële gegevens over 2009-2012, maar deze waren onvoldoende actueel en volledig, en de gestelde hypotheekschuld werd onvoldoende onderbouwd. De jaarrekening 2012 toonde positieve resultaten. De Raad van State concludeerde dat appellant niet aannemelijk heeft gemaakt dat de boete hem onevenredig treft en bevestigde de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de boete van €30.250 en wijst het verzoek tot verdere matiging af.