ECLI:NL:RVS:2014:2471
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhaving tegen woonschip wegens strijd met bestemmingsplan in Slootdorp
Het college van burgemeester en wethouders van Hollands Kroon legde aan appellant een last onder dwangsom op om het woonschip op een ligplaats in Slootdorp te verwijderen vanwege strijd met het bestemmingsplan. Appellant voerde aan dat het college niet bevoegd was tot handhaving omdat een omgevingsvergunning van rechtswege zou zijn verleend door het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de uitgebreide voorbereidingsprocedure van toepassing was en dat geen vergunning van rechtswege was verleend. Ook stelde de voorzieningenrechter vast dat het woonschip de afstandseis van twee meter tot andere woonschepen overschrijdt, waardoor het gebruik in strijd is met het bestemmingsplan. Appellant stelde voorts dat bijzondere omstandigheden en het gelijkheidsbeginsel handhaving zouden moeten verhinderen, mede vanwege een brief van het college waarin werd aangegeven dat niet meer handhavend zou worden opgetreden.
De Raad van State bevestigt dat het college bevoegd was tot handhaving omdat geen concreet zicht op legalisering bestond ten tijde van het besluit en geen bijzondere omstandigheden of gelijkheidsbeginsel toepassing vonden. De aangevallen uitspraak van de voorzieningenrechter wordt bevestigd en het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de handhaving tegen het woonschip bevestigd.