ECLI:NL:RVS:2014:2592
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- J.C. Kranenburg
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit minister inzake nadeelcompensatie beleidslijn Ruimte voor de rivier
De vennootschappen verzochten nadeelcompensatie op grond van de beleidslijn 'Ruimte voor de rivier', welke door de minister werd afgewezen. Na bezwaar en beroep bij de rechtbank Arnhem werd het beroep ongegrond verklaard. De vennootschappen stelden hoger beroep in bij de Raad van State.
De Raad oordeelde dat de minister ten onrechte stelde dat de schade volledig binnen het normale ondernemersrisico viel. De locatie lag buitendijks in het winterbed van een rivier, waar rekening gehouden moet worden met beleidswijzigingen. De Raad vernietigde het eerdere besluit en verklaarde het beroep gegrond.
De minister kende vervolgens een vergoeding van €1.975.000 toe, gebaseerd op een advies van de Commissie Schadebeoordeling. De Raad bevestigde dat alleen het verlies van 3 hectare bouwrijpe grond en de kosten van afgraving en afwerking voor vergoeding in aanmerking komen, niet de overige schade die tot het ondernemersrisico behoort.
De vennootschappen voerden diverse bezwaren aan, waaronder tegen de waardering van de gronden en de vergoeding van deskundigenkosten, maar deze werden door de Raad afgewezen. Ook de rentevergoeding werd bevestigd vanaf de datum van het verzoek om nadeelcompensatie in 2007.
De Raad veroordeelde de minister tot vergoeding van proceskosten en griffierecht en sprak het vonnis uit in het openbaar op 16 juli 2014.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, het eerdere besluit vernietigd en een vergoeding van €1.975.000 toegekend.