ECLI:NL:RVS:2014:2870
Raad van State
- Hoger beroep
- J.H. van Kreveld
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhaving bestuursdwang tot verwijdering stacaravan zonder vergunning
Het college van burgemeester en wethouders van Apeldoorn legde op 12 februari 2013 bestuursdwang op aan appellant om een stacaravan op zijn perceel te verwijderen omdat deze zonder de vereiste bouw- en omgevingsvergunning was geplaatst. Appellant maakte bezwaar en stelde beroep in tegen het handhavingsbesluit, maar zowel de voorzieningenrechter als de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State verklaarden deze beroepen ongegrond.
De Afdeling overwoog dat het college bevoegd was tot handhavend optreden op grond van artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). De stacaravan was zonder vergunning opgericht en het algemeen belang bij handhaving woog zwaarder dan de belangen van appellant. Het betoog van appellant dat hij niet op de hoogte was van de overtreding en dat handhaving financieel onevenredig zou zijn, werd verworpen omdat hij geen bewijs leverde dat hij failliet zou gaan en de stacaravan niet gedemonteerd hoeft te worden.
Ook het argument dat het college onrechtmatig zou hebben gehandeld door niet tegen de eigenaar van het recreatiepark op te treden, faalde. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de voorzieningenrechter bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot bestuursdwang bevestigd.