ECLI:NL:RVS:2014:2876
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- R.J.J.M. Pans
- J.W. van de Gronden
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering paspoort op grond van openstaande schuld en risico ontduiking invordering
Appellant heeft een aanvraag ingediend voor een nieuw nationaal paspoort, welke door de minister is geweigerd op grond van artikel 22 van Pro de Paspoortwet vanwege een openstaande schuld van meer dan €100.000 bij de Gemeentelijke Sociale Dienst. De minister stelde dat appellant zich door verblijf in het buitenland aan invordering zou onttrekken en wees appellant op de mogelijkheid tot het bereiken van overeenstemming om de aanvraag aan te houden.
De rechtbank oordeelde dat de weigering niet tot een onevenredige benadeling van appellant leidt, mede omdat appellant zijn belang onvoldoende had onderbouwd. Appellant stelde in hoger beroep dat hij onevenredig wordt benadeeld omdat hij zonder paspoort zijn internationale werkzaamheden niet kan uitvoeren en bewijs in het buitenland moet ophalen.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State overwoog dat het risico van ontduiking groter is indien de betrokkene zich in het buitenland heeft gevestigd en dat de minister het belang van invordering zwaarder mocht wegen dan het belang van appellant bij het verkrijgen van een paspoort. Appellant heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat hij onevenredig wordt benadeeld. Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van het paspoort bevestigd.