ECLI:NL:RVS:2014:3178
Raad van State
- Hoger beroep
- J.E.M. Polak
- N. Verheij
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering urgentieverklaring wegens onvoldoende motivering
De Stichting Urgentiebepaling Woningzoekenden Rijnmond (SUWR) weigerde aan appellant een urgentieverklaring te verlenen. Appellant maakte bezwaar en stelde beroep in bij de rechtbank Rotterdam, die het beroep ongegrond verklaarde. Tegen deze uitspraak stelde appellant hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelde dat het besluit van 20 oktober 2011 onvoldoende was gemotiveerd, met name omdat de beoordeling van de medische problematiek van appellant onvoldoende rekening hield met zijn directe woonomgeving waar intensief wiet werd gerookt. De SUWR werd opgedragen een nieuw advies van de GGD te verkrijgen en het besluit adequaat te motiveren.
Op basis van een nieuw medisch advies van de GGD, waarin werd vastgesteld dat de klachten van appellant grotendeels subjectief zijn en geen medische indicatie voor urgentieverklaring bestond, oordeelde de Afdeling dat het gebrek in de motivering was opgeheven. De stelling van appellant dat zijn klachten door de rook in de buurt werden veroorzaakt, werd niet onderbouwd met een medisch advies.
De Afdeling vernietigde het eerdere vonnis en het besluit van de SUWR, verklaarde het beroep gegrond, maar bepaalde dat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand blijven. Tevens werd de SUWR veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellant.
Uitkomst: Het besluit van de SUWR om geen urgentieverklaring te verlenen wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.