ECLI:NL:RVS:2014:3284
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- E. Helder
- Rechtspraak.nl
Vernietiging aanwijzingsbesluit Habitatrichtlijngebied Loonse en Drunense Duinen & Leemkuilen wegens onzorgvuldige begrenzing
De staatssecretaris van Economische Zaken wees op 25 april 2013 het gebied Loonse en Drunense Duinen & Leemkuilen aan als speciale beschermingszone volgens de Habitatrichtlijn. Appellant sub 1 en Stichting Brabants Landschap stelden beroep in tegen de begrenzing van het gebied. Appellant sub 1 betoogde dat enkele van zijn percelen, waaronder een speeltuin en een deel van een weiland, ten onrechte waren aangewezen omdat deze geen relevante natuurwaarden bevatten. De staatssecretaris verdedigde de aanwijzing met ecologische argumenten, met name het habitattype oude eikenbossen.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat het spellenbos van appellant sub 1 terecht was aangewezen als onderdeel van een ecologische eenheid, maar dat de speeltuin en een deel van het weiland ten onrechte waren aangewezen. Dit leidde tot vernietiging van dat deel van het besluit wegens strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel (art. 3:2 Awb Pro). Stichting Brabants Landschap voerde aan dat enkele percelen aan de zuidzijde van het gebiedsdeel De Brand onterecht waren uitgesloten, terwijl deze essentieel waren voor de instandhoudingsdoelstelling van de kamsalamander. De staatssecretaris erkende dat deze percelen wel hadden moeten worden aangewezen. Ook dit deel van het besluit werd vernietigd.
De Raad van State bepaalde dat de staatssecretaris binnen 16 weken een nieuw besluit moet nemen en stelde een voorlopige voorziening in voor de percelen van Brabants Landschap. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan appellant sub 1 en tot terugbetaling van griffierechten aan beide appellanten.
Uitkomst: Het aanwijzingsbesluit is deels vernietigd wegens onzorgvuldige begrenzing; de staatssecretaris moet binnen 16 weken een nieuw besluit nemen.