ECLI:NL:RVS:2014:3331
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- J. Hoekstra
- E. Helder
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroepen tegen reactieve aanwijzingen bij bestemmingsplan Buitengebied Bernheze
Het college van gedeputeerde staten gaf op 31 juli 2012 meerdere reactieve aanwijzingen aan de raad van de gemeente Bernheze over het vastgestelde bestemmingsplan "Buitengebied Bernheze". Diverse appellanten, waaronder de raad en betrokken particulieren en bedrijven, stelden beroep in tegen deze aanwijzingen. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft de zaak op 4 april 2014 behandeld en op 10 september 2014 uitspraak gedaan.
De kern van het geschil betrof de vraag of de reactieve aanwijzingen terecht waren gegeven, waarbij het college stelde dat het bestemmingsplan op verschillende punten in strijd was met de Verordening ruimte 2012, onder meer vanwege het ontbreken van verantwoording over zorgvuldig ruimtegebruik, kwaliteitsverbetering van het landschap, en de bescherming van de ecologische hoofdstructuur (EHS). De appellanten voerden onder meer aan dat de aanwijzingen onterecht waren, dat bestaande rechten en gebruik voortgezet moesten worden, en dat het college onvoldoende rekening had gehouden met concrete situaties.
De Afdeling oordeelde dat het college in redelijkheid van de noodzaak van de reactieve aanwijzingen had kunnen uitgaan. De verantwoording in het bestemmingsplan was onvoldoende, nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen werden mogelijk gemaakt zonder de vereiste kwaliteitsverbetering, en de bescherming van provinciale belangen zoals de EHS werd niet afdoende gewaarborgd. Daarnaast was het college bevoegd om de aanwijzingen terughoudend te toetsen en mocht het geen uitzonderingen maken zonder ruimtelijke gronden. De beroepen werden daarom ongegrond verklaard.
Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak bevestigt het belang van een zorgvuldige ruimtelijke ordening en de rol van het college bij het beschermen van provinciale belangen tegen onzorgvuldige bestemmingsplannen.
Uitkomst: De beroepen tegen de reactieve aanwijzingen worden ongegrond verklaard en het college heeft in redelijkheid van de noodzaak van de aanwijzingen kunnen uitgaan.