ECLI:NL:RVS:2014:3867
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- R. van der Spoel
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd voor vreemdelingen zonder asielaanvraag
De vreemdelingen hebben een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd op grond van de Regeling langdurig verblijvende kinderen. De staatssecretaris wees deze aanvraag af omdat zij niet voldeden aan de vereisten, met name het ontbreken van een eerdere asielaanvraag.
De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdelingen ongegrond en oordeelde dat het onderscheid tussen vreemdelingen met en zonder asielachtergrond niet in strijd is met het discriminatieverbod. De vreemdelingen stelden dat de toetsing strenger had moeten zijn en dat de keuze van de moeder om geen asielaanvraag in te dienen niet aan hen toegerekend mocht worden.
De Raad van State volgde de rechtbank en oordeelde dat de staatssecretaris een ruime beleidsvrijheid heeft bij deze begunstigende regeling. Het onderscheid is gerechtvaardigd door het verschil in verblijfsdoel en de specifieke verantwoordelijkheden van de Staat jegens asielzoekers versus andere vreemdelingen. De grieven van de vreemdelingen faalden, het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van de vreemdelingen is ongegrond verklaard en de afwijzing van hun verblijfsvergunning bevestigd.