ECLI:NL:RVS:2014:396
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- E. Helder
- H.C.P. Venema
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek tot terugwerkende aanpassing kentekenregister na diefstal snorfiets
De zaak betreft het hoger beroep van een appellant tegen de afwijzing door de RDW van haar verzoek om het kentekenregister met terugwerkende kracht aan te passen na diefstal van haar snorfiets in 2006. De RDW had het kentekenbewijs ongeldig verklaard per 7 mei 2011, nadat de politie een gestolensignaal had geplaatst. De appellant wilde dat deze ongeldigverklaring met terugwerkende kracht per datum van diefstal zou gelden, zodat zij niet langer aansprakelijk zou zijn voor verzekeringsplicht en mogelijke strafrechtelijke vervolging.
De rechtbank had het beroep van appellant ongegrond verklaard en de Raad van State bevestigt deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak overweegt dat het beleid van de RDW om geen terugwerkende kracht te verlenen aan ongeldigverklaring van kentekenbewijzen redelijk is en noodzakelijk voor de rechtszekerheid en zuiverheid van het kentekenregister. Hoewel appellant stelt dat bijzondere omstandigheden een uitzondering rechtvaardigen, wordt dit niet gevolgd.
De Afdeling benadrukt dat appellant tijdig aangifte van diefstal had gedaan, maar naliet om tijdig een gestolensignaal te laten plaatsen, ondanks dat zij door de RDW op de hoogte werd gesteld van het onverzekerd zijn van het voertuig. Eventuele nadelige gevolgen van de tenaamstelling in de periode tussen diefstal en ongeldigverklaring kan appellant met bewijs onderbouwen bij andere instanties. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.