ECLI:NL:RVS:2013:BZ7490
Raad van State
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- P.M.M. de Leeuw-van Zanten
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verval tenaamstelling voertuig zonder terugwerkende kracht door RDW
De RDW heeft bij besluit van 6 oktober 2011 de tenaamstelling van het voertuig van appellante vervallen verklaard en dit besluit gehandhaafd na bezwaar en beroep. Appellante voerde aan dat vanwege haar jarenlange verslaving en kwetsbare situatie, waarbij misbruik werd gemaakt van kentekens op haar naam, de vervallenverklaring met terugwerkende kracht tot 1 januari 2009 had moeten plaatsvinden.
De rechtbank oordeelde dat de RDW een beleidsregel hanteert om de tenaamstelling in beginsel niet met terugwerkende kracht te vervallen te verklaren, ter bescherming van de zuiverheid van het kentekenregister en rechtszekerheid. Dit beleid is redelijk en alleen bij hoge uitzondering kan hiervan worden afgeweken. Appellante had in 2005 al een verzoek ingediend, maar niet gereageerd op het verzoek van de RDW om een vrijwaringsbewijs te overleggen, noch rechtsmiddelen aangewend tegen het besluit toen.
De Raad van State bevestigt dat de RDW terecht geen terugwerkende kracht heeft verleend, omdat appellante onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt waarom zij niet eerder had kunnen reageren of een aanvraag kon doen. Ook de financiële nadelige gevolgen voor appellante rechtvaardigen geen afwijking van het beleid. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.