ECLI:NL:RVS:2014:4373
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- H. Troostwijk
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake afwijzing verblijfsvergunning asiel Somaliër
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie wees op 6 mei 2014 de aanvraag van een Somaliër om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af en weigerde ambtshalve een reguliere verblijfsvergunning toe te kennen. De rechtbank Den Haag verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit, waarna de staatssecretaris hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De vreemdeling stelde in incidenteel hoger beroep dat er een discrepantie bestond tussen het ambtsbericht over Somalië en het landgebonden asielbeleid, waarbij hij betoogde dat alle uit het Westen teruggekeerde Somaliërs risico liepen op verdenking door Al-Shabaab. De Raad van State oordeelde dat het beleid terecht een individuele toets vereist en dat het ambtsbericht niet stelt dat iedere teruggekeerde Somaliër automatisch risico loopt.
De Raad van State stelde vast dat de rechtbank buiten de grenzen van het geschil was getreden door ambtshalve een vernietigingsgrond over alleenstaande minderjarige vreemdelingen te beoordelen. Het hoger beroep van de staatssecretaris werd gegrond verklaard, het incidenteel hoger beroep van de vreemdeling ongegrond en de uitspraak van de rechtbank vernietigd. Het beroep van de vreemdeling werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt gegrond verklaard en het beroep van de vreemdeling ongegrond, waarbij de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd.