ECLI:NL:RVS:2014:441
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aanvraag extra uren rechtsbijstand wegens ontbrekende feitelijke en juridische complexiteit
De zaak betreft het hoger beroep van appellant tegen de afwijzing van een aanvraag om extra uren rechtsbijstand door de raad voor rechtsbijstand. De raad had de aanvraag afgewezen omdat niet was gebleken dat de zaak zodanig feitelijk of juridisch complex was dat behandeling buiten de forfaitaire tijdgrens noodzakelijk was.
De rechtbank Amsterdam had eerder het beroep van appellant ongegrond verklaard en de Raad van State bevestigt deze uitspraak. Appellant stelde onder meer dat de rechtbank onterecht bevoegd was, dat het recht op een eerlijk proces was geschonden en dat de afwijzing in strijd was met het gelijkheidsbeginsel en het recht op een eerlijke rechtsgang bij het EHRM.
De Raad van State oordeelt dat de rechtbank bevoegd was en dat er geen sprake was van een onvolledig dossier of partijdigheid. Ook is onvoldoende gebleken van feitelijke of juridische complexiteit die extra uren zou rechtvaardigen. De Raad van State wijst het beroep af en bevestigt de eerdere uitspraak, zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt de afwijzing van de aanvraag om extra uren rechtsbijstand en verklaart het hoger beroep ongegrond.