ECLI:NL:RVS:2014:4442
Raad van State
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- N.S.J. Koeman
- D.J.C. van den Broek
- Rechtspraak.nl
Vernietiging omgevingsvergunning voor melkrundveehouderij wegens procedurele tekortkomingen
Het college van burgemeester en wethouders van Schagen verleende op 31 januari 2012 een omgevingsvergunning voor het oprichten en in werking hebben van een melkrundveehouderij met een mestbassin. Appellanten stelden dat het mestbassin als bouwwerk aangemerkt moet worden en dat de aanvraag onvolledig was omdat het bouwen van het bassin niet was meegenomen. De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond, maar de Afdeling bestuursrechtspraak vernietigde deze uitspraak.
De Afdeling oordeelde dat het mestbassin een bouwwerk is en dat het college had moeten eisen dat de aanvraag werd aangevuld met een vergunningaanvraag voor het bouwen van het bassin. Daarnaast was onduidelijk of het bassin hoger was dan twee meter, waardoor niet kon worden vastgesteld of een vergunning voor bouwen vereist was. Verder was de beoordeling van de milieueffecten en de afstand tot de dichtstbijgelegen woning onvoldoende onderbouwd.
Het college werd veroordeeld het besluit te vernietigen en de aanvraag te laten aanvullen. Tevens werd bepaald dat tegen het nieuwe besluit alleen beroep bij de Afdeling mogelijk is. Proceskosten werden deels toegewezen aan appellanten. Het incidenteel hoger beroep van de vergunninghouder werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het besluit tot verlening van de omgevingsvergunning wordt vernietigd en het college dient de aanvraag te laten aanvullen en opnieuw te beoordelen.