ECLI:NL:RVS:2013:389
Raad van State
- Hoger beroep
- F.C.M.A. Michiels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhaving verwijdering draagconstructie zonder omgevingsvergunning in Den Haag
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag legde appellant op 4 april 2012 een last onder dwangsom op om een draagconstructie op zijn perceel te verwijderen vanwege het ontbreken van een omgevingsvergunning. Na bezwaar en een herzien besluit waarbij de dwangsom werd ingetrokken, vernietigde de rechtbank dit besluit en bepaalde dat het college een nieuwe beslissing moest nemen.
Het college besloot op 3 juni 2013 het bezwaar van appellant ongegrond te verklaren en de dwangsom opnieuw op te leggen voor het verwijderen van bedrading tussen de palen van de carport ter ondersteuning van beplanting. Appellant stelde dat de draagconstructie geen bouwwerk is en dat handhaving niet gerechtvaardigd was.
De Raad van State overwoog dat de draagconstructie wel degelijk een bouwwerk is, omdat het een constructie van enige omvang betreft die ter plaatse functioneert en verbonden is met de grond via de palen van de carport. De rechtbank had het college dan ook terecht bevoegd geacht tot handhaving. Het hoger beroep van appellant faalde, en de aangevallen uitspraak werd bevestigd. Tevens werd het beroep tegen het besluit van 3 juni 2013 ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en de handhaving van het college wordt bevestigd.