ECLI:NL:RVS:2014:54
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- R.J.R. Hazen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing tegemoetkoming planschade door wijziging bestemmingsplan bedrijventerrein
Appellant diende een verzoek in voor tegemoetkoming in planschade wegens waardevermindering van zijn woning door de vaststelling van een nieuw bestemmingsplan dat een bedrijventerrein mogelijk maakt nabij zijn woning. Het college kende een tegemoetkoming toe, maar appellant was het hiermee niet eens en maakte bezwaar. Na afwijzing van het bezwaar stelde appellant beroep in bij de rechtbank, dat eveneens ongegrond werd verklaard.
In hoger beroep bij de Raad van State betoogde appellant onder meer dat de deskundigheid van de door het college ingeschakelde adviseur Exsin niet vaststond en dat de gehanteerde taxatiemethode onjuist was. De Afdeling oordeelde dat appellant geen concrete aanwijzingen had geleverd die twijfel aan de deskundigheid van Exsin rechtvaardigen en dat de taxatiemethode, gebaseerd op een planologische vergelijking en onderbouwd door een taxateur, voldoende controleerbaar en redelijk was.
Verder werd het beroep op marktgegevens en indexcijfers verworpen omdat deze niet relevant waren voor de planologische waardebepaling. Ook het betoog dat de rechtbank niet had geoordeeld over bepaalde schadefactoren faalde, omdat deze factoren wel waren betrokken bij het onderzoek en appellant geen tegenbewijs had geleverd.
De Afdeling bevestigde daarmee het oordeel van de rechtbank en wees het hoger beroep af, zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.