ECLI:NL:RVS:2014:566
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- M. Kos
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake handhaving zelfstandige wooneenheden zonder vergunning
Het college van burgemeester en wethouders van Tilburg legde aan appellant een last onder dwangsom op om zonder vergunning gerealiseerde zelfstandige wooneenheden op zijn perceel om te zetten naar onzelfstandige wooneenheden of bergingen. Appellant maakte bezwaar en stelde beroep in tegen het besluit en de uitspraak van de voorzieningenrechter.
De Raad van State oordeelt dat het college bevoegd was handhavend op te treden omdat voor de zelfstandige wooneenheden een omgevingsvergunning vereist was. De voorzieningenrechter heeft terecht geoordeeld dat geen concreet zicht op legalisering bestaat en dat het vertrouwensbeginsel niet slaagt. Ook is de belangenafweging inzake handhaving zorgvuldig gemaakt.
Wel oordeelt de Raad dat het college ten onrechte heeft afgezien van vergoeding van de proceskosten die appellant in bezwaar heeft gemaakt, nu sprake is van een gedeeltelijke herroeping van het besluit wegens aan het college toe te rekenen onrechtmatigheid. De uitspraak van de rechtbank wordt op dat punt vernietigd en het college veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten in bezwaar, beroep en hoger beroep. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard en het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten in bezwaar, beroep en hoger beroep; de rest van de uitspraak wordt bevestigd.