ECLI:NL:RVS:2015:565
Raad van State
- Hoger beroep
- B.J. van Ettekoven
- J.W. van de Gronden
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing toevoeging rechtsbijstand bij klacht tegen GGD-arts
De appellant, dakloos en hiv-positief, verzocht om rechtsbijstand voor het indienen van een klacht tegen een GGD-arts bij het regionaal tuchtcollege gezondheidszorg. De raad wees de toevoeging af omdat het een eenvoudig rechtsprobleem betreft dat de appellant zelf of met hulp van andere instanties kan afhandelen.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Raad van State bevestigt deze uitspraak. De Raad overwoog dat de klacht niet zodanig complex is dat rechtsbijstand noodzakelijk is en dat de appellant zich kan laten bijstaan door het Juridisch Loket of het Informatie- en Klachtenbureau Gezondheidszorg.
Verder oordeelde de Raad dat de afwijzing niet in strijd is met artikel 6 EVRM Pro (recht op een eerlijk proces) en artikel 8 EVRM Pro (recht op respect voor privéleven), mede omdat de procedure laagdrempelig is en de appellant niet in een wezenlijk nadeliger positie wordt gebracht dan de GGD-arts die door een advocaat wordt bijgestaan.
Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de toevoeging voor rechtsbijstand bevestigd.