ECLI:NL:RVS:2016:1441
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- N. Verheij
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Vaststelling persoonlijke verantwoordelijkheid van Syrië-militair voor misdrijven en bevestiging inreisverbod
De staatssecretaris wees de asielaanvraag van de Syrische vreemdeling af en legde een inreisverbod op vanwege ernstige redenen om te vermoeden dat hij betrokken was bij misdrijven als bedoeld in artikel 1(F) van het Vluchtelingenverdrag. De rechtbank vernietigde dit besluit, maar de Raad van State stelde in hoger beroep vast dat de vreemdeling als pelotonscommandant wist van de misdrijven van zijn ondergeschikten en naliet noodzakelijke maatregelen te treffen om deze te voorkomen.
De Raad oordeelde dat de vreemdeling persoonlijke deelname ('personal participation') had door zijn verantwoordelijkheid en het nalaten van actie, ondanks dat hij niet fysiek aanwezig was bij de misdrijven. De staatssecretaris handelde terecht door het inreisverbod op te leggen en de asielaanvraag af te wijzen. De Raad verwierp de argumenten van de vreemdeling over zijn loyaliteit, het ontbreken van daadwerkelijk gezag tijdens de misdrijven en het ontbreken van duurzaam verblijf in Nederland.
Het hoger beroep werd gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd, het beroep tegen het inreisverbod ongegrond verklaard en het beroep tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning niet-ontvankelijk. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het inreisverbod blijft van kracht en de asielaanvraag wordt afgewezen wegens persoonlijke verantwoordelijkheid voor misdrijven.