ECLI:NL:RVS:2016:1632
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag standplaatsvergunning voor verkoop Vietnamese specialiteiten in Den Haag
Appellante, handelend onder de naam Maison Vietnamese Specialiteiten, vroeg een standplaatsvergunning aan om Vietnamese specialiteiten te verkopen op de Grote Marktstraat te Den Haag. Het college van burgemeester en wethouders wees deze aanvraag op 24 november 2014 af, gesteund op adviezen van de wegbeheerder en de Advies Commissie Openbare Ruimte, vanwege overwegende bezwaren omtrent het uiterlijk aanzien van de gemeente en de verdeling van de gebruiksmogelijkheden van de weg. Het college verklaarde het bezwaar van appellante ongegrond en de rechtbank bevestigde dit besluit.
Appellante stelde in hoger beroep dat het verkrijgen van een standplaatsvergunning essentieel is voor haar levensonderhoud sinds haar komst als politieke vluchteling. Zij benadrukte dat haar verkoopwagen na sluitingstijd verwijderd kan worden en dat er in Den Haag nog geen aanbod is van Vietnamese specialiteiten. Tevens wees zij op toezeggingen van het college en het feit dat andere steden wel vergunningen verlenen.
De Raad van State oordeelde dat het college een terughoudend beleid voert dat niet onredelijk is en dat het college zich op redelijke gronden kon baseren op de adviezen die overwegende bezwaren aantoonden. Persoonlijke omstandigheden van appellante en de situatie in andere steden bieden geen grond voor het verlenen van de vergunning. De vermeende toezegging van het college tijdens de zitting werd niet bevestigd door het proces-verbaal. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de afwijzing van de standplaatsvergunning bevestigd.