ECLI:NL:RVS:2016:2208
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- A.B.M. Hent
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering kwijtschelding verliesdeclaratie door Stichting WEW wegens ontbreken goede trouw
Appellanten kochten in 2005 een woning met een hypotheek onder Nationale Hypotheek Garantie (NHG). Na emigratie en verhuur van de woning ontstond een betalingsachterstand, waarna de woning in 2014 met verlies werd verkocht. Stichting WEW weigerde kwijtschelding van de verliesdeclaratie omdat appellanten niet te goeder trouw zouden zijn geweest.
Appellanten voerden aan dat zij wel te goeder trouw waren en dat de algemene voorwaarden niet van toepassing zijn. Zij stelden dat verhuur was gedoogd en dat de achterstand pas ontstond door gewijzigde voorwaarden van de geldverstrekker. De rechtbank oordeelde echter dat appellanten onvoldoende hadden geregeld en vastgelegd met de geldverstrekker, waardoor zij het risico van verlies bewust hebben genomen.
De Raad van State overwoog dat het plan van appellanten om langdurig in het buitenland te verblijven en de woning te verhuren ingrijpend was en dat van hen verwacht mocht worden dat zij dit schriftelijk met de geldverstrekker zouden regelen. Het ontbreken hiervan en het feit dat zij de hypotheekakte niet hadden aangepast, leidde tot het oordeel dat zij niet te goeder trouw waren. Ook het belang van Stichting WEW om het fonds te beschermen woog zwaarder dan het individuele belang van appellanten.
Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van kwijtschelding door Stichting WEW bevestigd.