ECLI:NL:RVS:2016:2241
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- B.J. van Ettekoven
- G. van der Wiel
- R.J.J.M. Pans
- Rechtspraak.nl
Vaststelling tracébesluit Nieuwe Sluis Terneuzen met afwijzing beroepen tegen wijzigingen Schependijk
De minister heeft op 15 februari 2016 het tracébesluit Nieuwe Sluis Terneuzen vastgesteld, waarin de aanpassing van het sluizencomplex en omliggende infrastructuur is geregeld. Diverse belanghebbenden, waaronder Navimar, Passluis, Schuttevaer en EVO, hebben hiertegen beroep ingesteld.
De Afdeling bestuursrechtspraak verklaart de beroepen van Algemeene Schippers Vereeniging en Passluis niet-ontvankelijk vanwege termijnoverschrijding en gebrek aan rechtstreeks belang. De beroepen van Schuttevaer en EVO en Navimar en [appellante sub 3] worden inhoudelijk behandeld maar zijn ongegrond verklaard.
De Afdeling oordeelt dat de minister zich terecht op het milieueffectrapport heeft gebaseerd en dat de gekozen voorkeursvariant zonder afzonderlijk spuikanaal voldoende robuust is. De voorzieningen voor binnenvaartligplaatsen en de aanpassingen aan de Schependijk, waaronder tijdelijke werkterreinen en opslag voor Rijkswaterstaat, zijn passend en noodzakelijk voor het functioneren van de nieuwe sluis.
De belangenafweging waarbij de belangen van Navimar en [appellante sub 3] bij behoud van hun locatie zijn meegewogen, is niet onredelijk. De Afdeling wijst erop dat schadevergoeding en compensatie via aparte procedures kunnen worden gezocht. De beroepen falen en er wordt geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Beroepen van Passluis en Algemeene Schippers Vereeniging niet-ontvankelijk; beroepen van Schuttevaer, EVO, Navimar en [appellante sub 3] ongegrond verklaard.