ECLI:NL:RVS:2016:3009
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- H. Troostwijk
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende motivering geloofwaardigheid
De staatssecretaris wees op 17 september 2015 de aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdeling stelde dat zij in Iran werd bedreigd door haar voormalig schoonvader en mishandeld door een man in diens opdracht. Ter onderbouwing overhandigde zij een vonnis van de Revolutionaire rechtbank in Iran.
De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit, waarna de staatssecretaris hoger beroep instelde. De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte niet had onderzocht of het vonnis authentiek was en dat de staatssecretaris onvoldoende had gemotiveerd waarom het asielrelaas ongeloofwaardig zou zijn, met name ten aanzien van de gedragingen van de vreemdeling.
De Raad benadrukte dat de staatssecretaris zijn beslissingsruimte bij de geloofwaardigheidsbeoordeling moet voorzien van een deugdelijke en controleerbare motivering, gerelateerd aan algemene en specifieke informatie over de situatie in Iran. Omdat dit ontbrak, werd het hoger beroep van de staatssecretaris ongegrond verklaard, het eerdere vonnis vernietigd en het besluit van 17 september 2015 vernietigd. De staatssecretaris moet een nieuw besluit nemen en is veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor een nieuw besluit met een deugdelijke motivering.