ECLI:NL:RVS:2016:3176
Raad van State
- Hoger beroep
- R.J.J.M. Pans
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering kinderopvangtoeslag wegens onvoldoende bewijs kosten
Appellante ontving in 2012 voorschotten kinderopvangtoeslag. De Belastingdienst/Toeslagen stelde bij definitieve berekening vast dat zij geen recht had op toeslag en vorderde € 23.505,00 terug wegens het ontbreken van bewijs van gemaakte kosten.
Appellante stelde dat zij een deel van de kosten contant had betaald met geleend geld van haar moeder en overhandigde kwitanties en een overzicht van betalingen. De rechtbank oordeelde dat de kwitanties geen dagtekening bevatten en niet te relateren waren aan de bankafschriften, en dat het overzicht niet als bewijs kon dienen.
In hoger beroep voerde appellante aan dat de rechtbank het overzicht ten onrechte had genegeerd. De Raad van State oordeelde dat de kwitanties achteraf waren opgesteld en daardoor minder waarde hadden, het overzicht inconsistenties vertoonde en niet overtuigend was.
De Raad van State bevestigde daarom het oordeel van de rechtbank dat appellante niet had aangetoond dat zij de kosten van kinderopvang had gemaakt en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de terugvordering van kinderopvangtoeslag bevestigd.