ECLI:NL:RVS:2016:3191
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- R. van der Spoel
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Vaststelling boete voor overtreding Wet arbeid vreemdelingen door stichting met kantineactiviteiten
De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid legde de stichting een boete van €24.000 op wegens het laten verrichten van arbeid door twee vreemdelingen zonder tewerkstellingsvergunning, in strijd met artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav). De rechtbank Rotterdam mat de boete tot €12.000 en vernietigde het eerdere besluit. De minister stelde hiertegen hoger beroep in bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat de stichting feitelijk als werkgever fungeerde omdat de vreemdelingen werkzaamheden verrichtten in de kantine van de moskee, die bedrijfsmatig en met commercieel oogmerk werden uitgevoerd. Het feit dat vreemdeling 1 een vergoeding ontving en vreemdeling 2 niet rechtmatig in Nederland verbleef, versterkte dit oordeel. De Raad verwierp het verweer dat het vrijwilligerswerk betrof en dat de boete daarom gematigd moest worden.
Verder concludeerde de Raad dat de minister terecht het boetenormbedrag van €8.000 per persoon toepaste en dat de rechtbank ten onrechte matiging toepaste. De stichting had onvoldoende financiële gegevens overgelegd om een verdere matiging wegens draagkracht te rechtvaardigen. De Raad vernietigde daarom het lagere boetebesluit en stelde de boete vast op €16.000. Het hoger beroep van de minister werd gegrond verklaard, dat van de stichting ongegrond.
Uitkomst: De boete wegens overtreding van de Wet arbeid vreemdelingen wordt vastgesteld op €16.000.