ECLI:NL:RVS:2016:432
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- H.G. Sevenster
- A.B.M. Hent
- Rechtspraak.nl
Vaststelling rechtmatigheid inreisverboden ondanks duurzaam uitzetbeletsel
De staatssecretaris wees de asielaanvraag van de vreemdelingen af en legde hen inreisverboden op van tien jaar wegens niet-naleving van vertrekplicht. De rechtbank verklaarde het beroep tegen de afwijzing ongegrond, maar vernietigde de inreisverboden vanwege strijd met de Terugkeerrichtlijn, omdat zij onbepaalde tijd zouden duren door een duurzaam uitzetbeletsel.
De vreemdelingen en de staatssecretaris gingen in hoger beroep tegen deze uitspraak. De Raad van State oordeelde dat de inreisverboden weliswaar gevolgen kunnen hebben die langer duren dan tien jaar door het duurzaam uitzetbeletsel, maar dat dit niet betekent dat de inreisverboden zelf onbepaalde duur hebben, aangezien zij voor tien jaar zijn vastgesteld en tussentijdse opheffing mogelijk is.
De Raad van State verwierp het oordeel van de rechtbank dat het duurzaam uitzetbeletsel de uitvaardiging van inreisverboden in de weg staat en stelde dat het aan de strafrechter is om in individuele gevallen te beoordelen of de strafbaarstelling van overtreding van het inreisverbod verenigbaar is met de Terugkeerrichtlijn.
De uitspraak van de rechtbank werd vernietigd voor zover deze de inreisverboden betrof en de beroepen van de vreemdelingen tegen deze inreisverboden werden ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: De Raad van State verklaart het hoger beroep van de vreemdelingen ongegrond en bevestigt de rechtmatigheid van de tienjarige inreisverboden.