ECLI:NL:RVS:2016:465
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Raad van State uitspraak over inpassingsplan hoogspanningsverbinding Doetinchem-Voorst
Bij besluit van 7 april 2015 hebben de ministers het inpassingsplan voor de aanleg van een nieuwe 380 kV-hoogspanningsverbinding tussen Doetinchem en de Duitse grens vastgesteld. Diverse appellanten hebben beroep ingesteld tegen dit besluit en tegen besluiten tot verlening van omgevingsvergunningen en ontheffingen.
De Raad van State heeft de beroepen inhoudelijk behandeld en onder meer geoordeeld over de ontvankelijkheid van de beroepen, de toepassing van de milieueffectrapportage (MER), de nut en noodzaak van de verbinding, de keuze voor een bovengronds tracé en wisselstroomtechniek, en de gevolgen voor gezondheid en leefomgeving.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat het nationale recht geen verplichting tot het opstellen van een grensoverschrijdend MER kent en dat de ministers voldoende hebben samengewerkt met Duitsland. De nut en noodzaak van de verbinding is aannemelijk gemaakt, en de keuze voor een bovengronds tracé is gerechtvaardigd vanwege leveringszekerheid. De tracékeuze is zorgvuldig gemaakt met afweging van landschappelijke en woonbelangen.
De gezondheidsrisico’s van magnetische velden zijn onderzocht en het voorzorgbeginsel is toegepast. Er is geen aanleiding om het plan te vernietigen vanwege onvoldoende aandacht voor gezondheid of geluidshinder. Ook de wijze van bestemmen en de flexibiliteit in mastlocaties zijn toelaatbaar. De beroepen worden afgewezen en het besluit tot vaststelling van het inpassingsplan blijft in stand.
Uitkomst: Het inpassingsplan voor de hoogspanningsverbinding tussen Doetinchem en Voorst wordt rechtsgeldig vastgesteld en de beroepen worden afgewezen.