ECLI:NL:RVS:2016:740
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- G. van der Wiel
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vaststelling dat aanbod onderdak in vrijheidsbeperkende locatie aan niet-rechtmatig verblijvende vreemdeling toereikend is
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie bood een meerderjarige vreemdeling die niet rechtmatig in Nederland verbleef onderdak aan in een vrijheidsbeperkende locatie (VBL), onder de voorwaarde dat zij meewerkt aan haar vertrek uit Nederland. De vreemdeling verzette zich hiertegen en voerde aan dat zij vanwege haar psychische gesteldheid en haar behorende tot de Roma niet kon meewerken aan vertrek en dat het aanbod onvoldoende was.
De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit van de staatssecretaris. De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het aanbod van onderdak in een VBL, ook met de voorwaarde van medewerking aan vertrek, niet in strijd is met het EVRM en het Europees Sociaal Handvest, tenzij bijzondere omstandigheden zoals een psychische gesteldheid dit anders maken.
De Afdeling stelde vast dat de staatssecretaris zijn besluit deugdelijk had gemotiveerd en dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat de vreemdeling niet gehoord hoefde te worden. Het hoger beroep werd gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het aanbod van onderdak in een vrijheidsbeperkende locatie onder voorwaarden is toereikend.