ECLI:NL:RVS:2017:1043
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging verstrekkingen aan vreemdeling onder Regeling verstrekkingen asielzoekers
Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COa) heeft bij besluit van 27 december 2016 de verstrekkingen aan de vreemdeling krachtens de Regeling verstrekkingen asielzoekers en andere categorieën vreemdelingen 2005 beëindigd. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die het beroep gegrond verklaarde en het besluit vernietigde.
Het COa stelde vervolgens hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling overwoog dat de rechtbank ten onrechte het beroep van de vreemdeling niet-ontvankelijk had verklaard wegens gebrek aan actueel procesbelang. Dit omdat de opvang van de vreemdeling na het besluit van 27 december 2016 feitelijk zonder onderbreking was voortgezet op grond van artikel 3, derde lid, aanhef en onder f, van de Regeling verstrekkingen asielzoekers 2005, mede door een verlengde opname in een psychiatrisch ziekenhuis.
De Afdeling concludeerde dat de vreemdeling met haar beroep reeds had bereikt dat de opvang feitelijk niet werd beëindigd en zonder onderbreking werd verleend, waardoor zij geen belang meer had bij het beroep. Daarom verklaarde de Afdeling het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep niet-ontvankelijk. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan actueel procesbelang.