ECLI:NL:RVS:2017:1370
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- C.M. Wissels
- J.W. van de Gronden
- Rechtspraak.nl
Prejudiciële vragen over erkenning en inschrijving van samengestelde klassieke voertuigen in het kentekenregister
Deze uitspraak betreft twee zaken waarin de RDW de inschrijving en tenaamstelling in het Nederlandse kentekenregister van een Bentley uit 1950 en een Alvis uit 1938 heeft geweigerd. De kern van het geschil is of de Kentekenbewijzenrichtlijn van toepassing is op voertuigen die vóór 29 april 2009 zijn vervaardigd en hoe om te gaan met samengestelde voertuigen waarvan essentiële onderdelen uit verschillende perioden stammen.
De RDW stelt dat de voertuigen niet voldoen aan de technische eisen van de Kaderrichtlijn en dat de overgelegde kentekenbewijzen uit België en Engeland niet voldoen aan het geharmoniseerde model, waardoor zij niet erkend kunnen worden voor inschrijving. De rechtbanken oordeelden echter dat de richtlijn wel van toepassing is en dat de kentekenbewijzen voldoende zijn voor identificatie.
De Raad van State twijfelt over de toepasselijkheid van de richtlijn op oudere voertuigen en over de wijze waarop de leeftijd van samengestelde voertuigen moet worden bepaald. Ook wordt de vraag gesteld of de RDW een technische controle mag uitvoeren ondanks erkenning van een kentekenbewijs van een andere lidstaat. Daarom legt de Raad van State vier prejudiciële vragen voor aan het Hof van Justitie en schorst de behandeling van de hoger beroepen totdat het Hof uitspraak heeft gedaan.
Uitkomst: Behandeling van hoger beroepen geschorst en prejudiciële vragen voorgelegd aan het Hof van Justitie.