ECLI:NL:RVS:2017:1540
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- A.B.M. Hent
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over afwijzing schorsing uitzetting vreemdeling wegens medische situatie
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie wees op 23 februari 2016 het verzoek van een vreemdeling om zijn uitzetting op grond van artikel 64 Vreemdelingenwet Pro 2000 op te schorten af. Na een bezwaarprocedure handhaafde de staatssecretaris dit besluit. De vreemdeling stelde beroep in bij de rechtbank, die het besluit vernietigde wegens onvoldoende motivering omtrent het medische advies van het Bureau Medische Advisering (BMA).
De rechtbank vond dat het BMA-advies onvoldoende inzicht gaf in de medische situatie, met name over crisiscontacten en suïcidaliteit, en dat het besluit daarom in strijd was met artikel 3:2 Awb Pro. De staatssecretaris ging hiertegen in hoger beroep. De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat het BMA-advies zorgvuldig en inzichtelijk was en dat het gebaseerd was op dezelfde medische informatie als de behandelaars van de vreemdeling.
De Afdeling concludeerde dat de rechtbank ten onrechte het BMA-advies niet als voldoende gemotiveerd had beschouwd. Het hoger beroep van de staatssecretaris werd gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard. Tevens werd geoordeeld dat het horen van de vreemdeling in bezwaar niet verplicht was geweest. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris is gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard.