ECLI:NL:RVS:2017:1693
Raad van State
- Hoger beroep
- J.E.M. Polak
- J.J. van Eck
- R.J.J.M. Pans
- Rechtspraak.nl
Vernietiging boetebesluit wegens ontbreken verplichte waarschuwing bij beroepskracht-kind-ratio overtredingen
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam legde aan [appellante], houder van meerdere kinderdagverblijven, een boete van €4.950 op wegens vijf overtredingen van de beroepskracht-kind-ratio in 2014. Dit boetebesluit werd gehandhaafd in bezwaar en door de rechtbank Amsterdam ongegrond verklaard in het daaropvolgende beroep.
[Appellante] stelde in hoger beroep dat het college niet bevoegd was de boete op te leggen omdat het beleid, vastgelegd in het Afwegingsmodel sanctionering kinderopvang, voorschrijft dat eerst een waarschuwing moet worden gegeven bij een eerste overtreding. Het college had een voornemen tot boeteoplegging in december 2013 gedaan, maar dit was geen waarschuwing zoals bedoeld in het beleid omdat er geen boetebesluit volgde en geen overtreding was vastgesteld.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het college onterecht had aangenomen dat het voornemen gelijkstond aan een waarschuwing. Omdat niet was gebleken dat een waarschuwing was gegeven voorafgaand aan de overtredingen in 2014, mocht het college niet overgaan tot boeteoplegging. De uitspraak van de rechtbank werd vernietigd, het boetebesluit herroepen en het college werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van [appellante].
Uitkomst: Het boetebesluit van het college is vernietigd en herroepen wegens het ontbreken van een verplichte waarschuwing voorafgaand aan de boeteoplegging.