ECLI:NL:RVS:2017:1698
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- A.W.M. Bijloos
- F.D. van Heijningen
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring beroep wegens misbruik van recht bij Wob-verzoek
Het college van burgemeester en wethouders van Koggenland stelde het Wob-verzoek van wederpartij buiten behandeling omdat het formulier niet tijdig was ingediend. Wederpartij maakte bezwaar, maar dit werd niet-ontvankelijk verklaard vanwege het niet tijdig herstellen van het verzuim. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en vernietigde het besluit, waarna het college hoger beroep instelde.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat wederpartij en zijn gemachtigde misbruik van recht maakten door het Wob-verzoek in te dienen met een ander doel dan waarvoor de bevoegdheid is gegeven, namelijk het incasseren van proceskosten in plaats van het verrichten van onderzoek. Dit werd onderbouwd met eerdere uitspraken waarin soortgelijke verzoeken als onnodig ruim en vaag werden beoordeeld.
Het hoger beroep werd gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep niet-ontvankelijk verklaard. Proceskosten werden niet toegewezen omdat het college geen externe rechtsbijstand had ingeschakeld.
Uitkomst: Het beroep van wederpartij wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens misbruik van recht bij het indienen van het Wob-verzoek.