ECLI:NL:RVS:2017:1826
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- G. van der Wiel
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering toegang tot vrijheidsbeperkende locatie wegens onvoldoende meewerkbereidheid
De zaak betreft het hoger beroep van een vreemdeling tegen het besluit van de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie om hem de feitelijke toegang tot de vrijheidsbeperkende locatie (VBL) in Ter Apel te weigeren, omdat hij niet aannemelijk zou hebben gemaakt dat hij bereid is mee te werken aan zijn vertrek uit Nederland.
De vreemdeling stelde dat hij in het verleden meerdere pogingen had ondernomen om te vertrekken en dat de staatssecretaris onduidelijk was over welke acties nog verlangd werden. De staatssecretaris stelde dat een enkele verklaring niet voldoende is en dat daadwerkelijke handelingen en medewerking vereist zijn, waarbij het beleid inhoudt dat de vreemdeling zich oprecht en geloofwaardig moet verklaren en er zicht moet zijn op vertrek binnen twaalf weken.
De Afdeling oordeelde dat het beleid niet als beleidsregel is vastgesteld en dat de staatssecretaris per geval zorgvuldig moet motiveren waarom hij meewerken niet aannemelijk acht. In dit geval ontbrak een vertrekgesprek en schriftelijke vastlegging daarvan, waardoor de staatssecretaris onzorgvuldig handelde. Ook mocht de staatssecretaris het verleden van de vreemdeling niet zonder nader onderzoek blijven tegenwerpen. Het hoger beroep is gegrond verklaard, het besluit vernietigd en de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het besluit van de staatssecretaris om de vreemdeling de toegang tot de VBL te weigeren is vernietigd wegens onvoldoende zorgvuldig onderzoek en motivering.